Tagarchief: gedichten

De ogen van mijn eerste lief


Klik op de foto voor een groter formaat

Rood
Het terras lag soms blank van het water
en in mijn herinnering steeds
blinkend rood
maar in waarheid vaak bemost

Roze
De bleekroze bloemen op oma’s servies
ik kneep er uit een tube hardvochtig mayonaise op
Het behang van de kamer van de meid
Het gezicht van mijn lievelingspop
Die brak toen ik zes werd

Oranje
Een sinaasappel
voor de eerste fruitpap van mijn oudste zoontje
in het oranje bord
In de koralen kinderkamer
zijn pril protest

Geel
Een lepel in een ei
de dooier loopt over de witte
porseleinen rand

Groen
De muntdrank met ijs die mijn moeder bracht
omdat ik hard studeerde
De ogen van mijn eerste lief
het kroos van de vijver waarin mv verdronk

Blauw
Kobaltblauw de flessen op de schoorsteenmantel
en de mantel van het oud mariabeeld
de kristallen voor het raam
en de lucht na regen in april

Violet
Een zeldzame kleur in mijn kindertijd
de zijden bloes in de kast op zolder
En het eerste rouwlint dat ik zag
paars met goud rond witte lelies

Zwart
Zwart heeft vele tinten
diep en vaal en dof en schitterend en blinkend
Het zwartst is het zwart met mijn ogen
dicht voor ik slaap
Patricia Lasoen
(Uit: De witte binnenkant)

Advertenties

Langzame wereld


Klik op de foto voor een groter formaat

Wandeling
Onze gesprekken werden langzaam
onze vragen beantwoordden we met kijken
naar de langzame wereld om ons heen

de dorpen en landerijen in de diepte
de vogels bijna verdwijnend in de hemel

we gingen zitten kijken naar deze prachtige
onverschilligheid van de wereld
naar de overbodigheid van onze vragen
Rutger Kopland
(Uit: ‘Toen ik dit zag’, 2008)

Je blijft iemand op wie wordt gewacht


Weggaan 
Weggaan is iets anders
dan het huis uitsluipen
zacht de deur dichttrekken
achter je bestaan en niet
terugkeren. Je blijft
iemand op wie wordt gewacht.

Weggaan kun je beschrijven als
een soort van blijven. Niemand
wacht want je bent er nog.
Niemand neemt afscheid
want je gaat niet weg.
Rutger Kopland

Foto gemaakt in de Laurenskerk

Brief van ver


Wat wil je weten? Ik ben
zo ver dat ik soms denk
de kleinste stap, het geringste
gebaar zullen genoeg zijn
om me terug te zien.

Het landschap in de regen
waarin ik schrijf is zo ver
zo niet te beschrijven, maar
de kleinste bloem, de geringste
steen wordt gewoon en dierbaar
als ik ze voor je meebreng.

Luister, het ruisen van de regen
neemt af, vogels beginnen hier
en daar weer te zingen.
Het kan nog net een paar
uurtjes voor de nacht valt.
Rutger Kopland

Foto gemaakt in de Kunsthal

Zoals de pagina’s van een krant


Zoals de pagina’s van een krant
in het gras langzaam om
slaan in de wind, en het is de wind
niet die dit doet,

zoals wanneer een deken in de avond,
buiten, ligt alsof hij ligt
te slapen, en het is de deken
niet, zo

niets is het, niets dan de verdrietige
beweging van een hand, de weerloze
houding van een lichaam,

en er is geen hand, er is
geen lichaam, terwijl ik toch
zo dichtbij ben.
Rutger Kopland

‘Weet u waar u bent?’

Klik op de foto voor groot formaat

GaandewegEster Naomi Perquin

Rotterdam Centraal
Nieuw Centraal Station Rotterdam

Loop naar de maan en terug

Ik kijk liever naar de maan
dan naar de mens.
De mens,
ik word er zó moe van.
Dat roepende, smekende,
lachende, verlangende,
niet wetende,
willen wetende
ik hou van jou zeggende,
of denkende,
op schoenen
of op eelt lopende,
van de een naar de ander rennende,
met sieraden en muziek beklede mens.
Ik kijk liever naar de maan
die altijd hetzelfde is:
onverschillig.
trouw.

De maan heeft geen woorden nodig
om te zeggen:
ik ben er
en morgennacht ben ik er weer

Misschien zit er een wolk voor,
misschien zie je me niet omdat je binnen bent,
omdat je binnen naar dwaze liedjes ligt te luisteren
of omdat er tranen voor je ogen zitten,
tranen omdat je denkt dat je alleen bent,
maar je bent niet alleen,
want ik ben er,
en gisteren was ik er ook,
en morgen ben ik er weer.
Tjitske Jansen

Bertie Kate Bush

Afspraak

Hij is niet op komen dagen.
Misschien werd hij ziek of liep hij
onder de tram, misschien sprak een ander
hem aan. Misschien vergat hij zijn horloge
of vergat het horloge hem de juiste tijd te geven.
Misschien wilde zijn auto niet starten
of begaf die het halverwege.
Misschien belde iemand hem juist voor hij vertrok,
met het bericht dat hij naar een crematie moest
of dat zijn moeder is overleden.
Misschien kwam hij een kennis van vroeger tegen.
Misschien had hij ruzie op zijn werk,
is hij ontslagen en heeft hij
zijn hoofd onder een kussen begraven.
Misschien stond de brug open, en ook de volgende.
Misschien bleef het stoplicht op rood staan.
Misschien heeft de pinautomaat zijn pasje ingeslikt
of bleek hij onderweg zijn portemonnee vergeten.
Misschien was hij zijn bril kwijt
kon hij niet stoppen met lezen
was er een programma op tv dat hij af wilde zien
kreeg hij zijn huisdeur niet op slot
kon hij nergens zijn sleutelbos vinden,
en begon plotseling zijn hond over te geven.
Misschien was er geen telefoon in de buurt,
kon hij het restaurant niet vinden
of zit hij per vergissing elders te wachten.
Misschien – de laatste onbegrepen
en onvoorziene mogelijkheid –
houdt hij niet langer van mij.
Hagar Peeters

Heel goed nieuws Spinvis

I wandered lonely as a cloud…


‘I Wandered Lonely as a Cloud’ William Wordsworth

Oostende Spinvis

‘Het is weer mooi weer buiten’


Thuiskomen
zullen ze wat zeggen
en wat zullen ze zeggen
als ik de deur door kom
wat zie je er uit
je bent ver weg geweest
of zullen ze niets zeggen
en alleen maar kijken
of niets zeggen zelfs niet kijken
maar doorgaan met doen
net of er niets gebeurd is

hier ben ik dan
hun vriendelijke vreemdeling
ik spreek de taal der mensen
hoe is het weer
het is weer ja
het is weer nee
het is weer mooi weer
buiten
Mischa de Vreede

Changing the seasons Ane Brun