Tagarchief: donderdag

Hello goodbye

‘Hé, ik heb ‘m in het verkeerde gaatje gestopt, maar goed dat ik geen-‘, die gedachte slik ik in. Met een halfopgeladen mobieltje loop ik de deur uit op zoek naar warm, aaibaar en lekker. Daarnet was ik geïrriteerd toen ik bepaalde uitspraken in een blog las. ‘Niet doen, je hebt je energie veel te hard nodig voor andere dingen’, spreek ik mezelf ferm toe. Opeens voel ik een donzig pootje in m’n hand. ‘Laat gaan, Marjelle, sommige mensen zien arrogantie, neerbuigend doen naar anderen als iets positiefs, ik weet allang dat het juist een teken van zwakte is’, hoor ik Beer bemoedigend zeggen. Ik glimlach naar hem en verzucht, ‘ik wilde dat meer mensen zoals jij waren, eerlijk, lief, sterk, loyaal en standvastig’.



Als ik ergens moe van geworden ben de afgelopen periode is het wel van mensen die a zeggen en b doen, zuigend zeuren over trivia en bij de eerste beetje kritische vraag of opmerking van de ene dag op de andere woordenloos uit m’n leven verdwijnen. Het positieve is dat ik steeds meer besef dat dit soort types ook geen mensen voor mij zijn. Zelfs al zit ik nu in een heel moeilijke situatie en kan ik elke steun gebruiken, dan nog hoef ik die dingen niet te accepteren. Het doet me ook denken aan een van m’n blogontmoetingen dit jaar – terwijl ik dit opschrijf zie ik de man voor me weer naar me kijken. Het was me al eerder opgevallen dat hij zich zat te vervelen, z’n blikken gingen wisselend van z’n vrouw die verdiept was in haar tijdschrift naar mij terwijl ik net veel te grote happen van m’n ciabatta-met nam. Ik negeer hem verder en richt m’n aandacht weer op het verkreukelde A4-tje voor me.



Toen ik tijdens die ontmoeting voor de derde keer in een paar uur te horen kreeg wat een man tien jaar geleden in een café had gezegd, kreeg ik het Spaans benauwd en moest ik de neiging bedwingen om hard weg te rennen. Het was een van die vele momenten het afgelopen jaar dat ik me afvroeg, wat doe ik hier, met deze persoon, in deze stad, in dit leven, en mezelf wakker wilde knijpen uit de boze droom. Gelukkig zijn er ook leuke mensen die wel menen wat ze zeggen, al is dat bij sommigen louter m’n virtuele indruk. Dat er soms een groot verschil is tussen het ware gezicht en de mooie woorden achter het avatarplaatje is een paar keer heel duidelijk geworden.
Marjelle

Mosquito Ingrid Michaelson


De blik van een sfinx

Het is drukkend warm en ik laat m’n plan varen om met de trein naar Gouda te gaan. Een stad komt zonovergoten veel meer tot haar recht dan onder een dik wolkendek. In plaats daarvan besluit ik weer eens naar m’n jachthaven te fietsen en daarna door te rijden naar de Kralingse hertjes. Ik ben benieuwd of deze keer het ‘fotograferen tussen de spijlen door’ wel een reeënblik uit duizenden oplevert. ‘Haalbare doelen stellen’, hoor ik H. bijna op de achtergrond mompelen. Een stelling waar ik het overigens mee eens ben en hij doet me indirect aan Piet Vroon denken.

Een artikel dat me bijgebleven is toen ging over het nut van bepaalde medische onderzoeken. Iedereen zou zich van tevoren af moeten vragen wat hij of zij vervolgens met de uitslag ervan zou gaan doen, vond Vroon. Als er bijvoorbeeld uitkomt dat je flink moet afvallen en veel meer bewegen, terwijl je dat absoluut niet van plan bent heeft het weinig zin om eerst allerlei dure onderzoeken te laten doen. Een van de redenen dat ik weleens een onderzoek weigerde was ook dat het middel erger kon zijn dan de soms op basis van drijfzandargumenten vermoede kwaal.



De zon piept achter een wolk tevoorschijn terwijl ik met pen een A4-tje zit vol te krabbelen. In een poging dit moment te rekken bestel ik een glas wijn en hoop dat straks de Bambi-ogen niet al te wazig op de foto staan. Ik duw gedachten aan geen werk, gezondheidsproblemen, …, en H. van me af en zet m’n verstand even op zonne-energie. Haast ongemerkt glippen ze een tijd later toch weer in m’n hoofd en komen nu bij een vriendin terecht die sinds zaterdag problemen heeft met haar vriend, hoe zou het met haar gaan na m’n laatste sms’je?

M’n gedachten blijven ook even hangen bij R. waarmee het contact opeens een bizarre wending heeft gekregen. Waarom voelen sommige mensen zich toch zo snel aangevallen en draaien ze rondjes in plaats van te zeggen wat er aan de hand is, vraag ik me af. Waar zijn die mensen zo bang voor, het ergste wat er kan gebeuren is dat je het mordicus oneens bent, maar zelfs daar kun je over proberen te praten en als het echt niet anders kan een streep zetten op een goede manier. Wat ook een rol speelt daarbij is dat ik er zelf geen probleem mee heb om uit te leggen waarom ik de dingen doe die ik doe.

De keren dat ik weleens iets deed waar ik achteraf spijt van had, gaf ik dat meestal ook toe, soms met pijn en moeite, maar steeds vaker de afgelopen jaren met een volmondig sorry. Zolang je maar op een open manier communiceert, je niet onmiddellijk aangevallen voelt door elk klein dingetje of je daar later overheen weet te zetten, zo min mogelijk dingen invult en vragen blijft stellen, is er in ieder geval een goede basis om elkaar te begrijpen. Daarbij moet openheid wel van twee kanten komen, sommige dingen lukken nu eenmaal níet in je eentje.
Marjelle

Soldier Ingrid Michaelson